Transparante geborgenheid

De thermometer tikt net de twintig graden aan, het strandgeborgenheid
wordt voornamelijk bevolkt door wandelaars gehuld in jas
en een straf windje geselt onze kuiten met opwaaiend zand.
We zoeken naarstig maar vastberaden een beschut plekje,
waar we de laatste zonnestralen van dit jaar kunnen gaan absorberen.
Naast een strandhokje en vlakbij het helmgras zetten we een blauw
strandtentje op, die ons beschutting moet gaan geven.

Als het blauwe polyester eenmaal staat,
kruipen we erachter en wentelen we ons in het UV-bad.
Heerlijk!
De zee is op de achtergrond duidelijk aanwezig,
maar onze blikken focussen zich alleen op elkaar.
Een fles rosé, wat nootjes en een broodje met rozijnen
veraangenamen ons verblijf op dit strandje nog meer. Lees verder

Herfst

herfstHij komt er weer aan. De herfst.
De oude eik in mijn tuin bombardeert me alweer enkele weken met zijn vruchten.
Het regent eikels.
De lavendel is aan het einde van haar bloeiperiode gekomen
en het aantal spinnenwebben in het groen is talrijker dan de haren op mijn hoofd.
Mismoedig veeg ik dagelijks de gevallen bladeren op een hoop,
om ze daarna in de groencontainer te gooien en ze zo aan mijn zicht te onttrekken.
Een bij voorbaat verloren gevecht natuurlijk.
Ze blijven maar vallen. Eikels en bladeren.
Maar ik blijf vegen, als een soort ontkenning van wat komen gaat.
Ik wil me nog even vasthouden aan de zomer.
De zon omarmen. De geur van lavendel opsnuiven.
En vallende bruine blaadjes verstoren die behoefte nu eenmaal bruut. Lees verder

A50

Afgelopen woensdag reed ik , vanuit mijn woonplaats aan de Maas,a50
weer eens richting het noorden.
Naar mijn geboortegrond dus.
Het is een ritje van -pak ‘m beet- twee uur
en vaak een prima gelegenheid om de gedachten weer eens wat te ordenen.
Zo ook dit keer.
Alleen was ik nu niet degene die deze gedachten ordende,
maar waren er prikkels van buitenaf die me keer op keer
een hernieuwd inzicht gaven.

Sinds ik in het Zuiden woon, nu ruim twintig jaar,
heb ik deze route al honderden keren afgelegd.
Ik ken de weg op mijn duimpje en heb het asfalt in al die jaren
zich zien uitbreiden en verbreden tot aan mijn finishplaats.
Tussen het vertrekpunt en mijn reisdoel,
ligt in mijn beleving een stuk niemandsland.
Aanduidingen van plaatsen waar ik niet of nauwelijks een
associatie mee heb.
En ik rijd er dan ook gedachteloos aan voorbij.
Althans, tot afgelopen woensdag. Lees verder

Stilte in mij

Het bankje aan de uiterwaarden van de Maas is verweerdstilte in mij
en hangt bovendien helemaal scheef.
Toch nestel ik me er op en probeer het uitzicht in me op te nemen.
Grasland, met tientallen gaggelende, grauwe ganzen op de voorgrond.
Daarachter stroomt de Maas en ik zie het veerpondje naderen.
Aan de overkant het voor mij bekende dorpje, met de wiekloze molen.

Ik focus me op de gakkende ganzen.
Een exemplaar rekt zich uit, terwijl de rest graast.
Hij (of zij) gaat op zijn gevliesde tenen staan,
reikt zijn nek zo ver als ie kan, schudt overdreven met zijn vleugels
en gaat vervolgens ook weer verder met grazen.
Het is een grote groep, zo bij elkaar, en ze laten zich flink aan me horen.

Heerlijk! Ik geniet van dit moment ;
geen gedachte die mijn waarneming kan verstoren.
De geuren van dit stukje Brabant en de opstekende wind,
completeren dit zintuiglijke genot.
Rust in het hoofd, stilte in mij.
Ik strek mijn benen , ontvouw mijn armen, leg ze op de rugleuning
van het gammele bankje en omarm zo de wereld voor me. Lees verder